Dat is de vraag die CDA-raadslid Evert Jan Kruijswijk Jansen hardop stelt in een opiniestuk. Wat de christendemocraat betreft is het beter om te kiezen voor het model dat ze gebruiken bij de Europese Commissie. De lidstaten (noem het de politieke partijen) dragen een kandidaat voor, maar het Europees Parlement (de gemeenteraad) toetst de kandidaten in debat en heeft daarna een stem in het aanvaarden van de kandidaat. Dit leidt tot een betere commissie, schrijft Kruijswijk Jansen.
De reden dat de CDA'er dit opmerkt, komt door het vertrek van drie Hilversumse wethouders in nog geen twee jaar tijd. Angelika Pelsink (Hart voor Hilversum) stapte in oktober 2018 al op. Sinds 5 maart is D66'er Jaeger uit eigen overweging opgestapt, nadat hij in 2019 een integriteitskwestie overleefde. Daar kwam op dinsdag 17 maart Jan Kastje (GroenLinks) nog bij. Hij legde zijn functie neer omdat hij binnen de coalitie te weinig steun voelde. In juni trad dit college aan met maar liefst zeven wethouders (zie foto), wat een bak aan kritiek opleverde.
Probleemgemeente
Inmiddels is bijna de helft van de wethouders weg. En allemaal besloten ze zelf op te stappen. "Dat is een behoorlijk hoog aantal", stelt Kruijswijk Jansen. "Hilversum is hiermee een bestuurlijke probleemgemeente. Die conclusie trok ook voormalig burgemeester van Bussum Milo Schoenmaker in 2011 in zijn boek Bestuurlijk gedonder. Schoenmaker deed onderzoek naar de redenen waarom wethouders ten val komen en bestempelde gemeenten die geregeld geconfronteerd worden met bestuurlijke conflicten en bestuurscrises als bestuurlijke probleemgemeenten. Hilversum scoorde in zijn onderzoek over de periode 1998 – 2010 een plek in de top 9 van Nederland."
Op basis van het aantal vertrouwensbreuken staat Hilversum op een gedeelde tiende plaats
En ook in de publicatie Valkuilen voor Wethouders van Henk Bouwmans 'scoort' Hilversum een hoge positie. Bouwmans onderzocht het aftreden van bestuurders in de periode van 2002-2018 en kwam tot dezelfde conclusie als Schoenmaker. Op basis van het aantal vertrouwensbreuken staat Hilversum op een gedeelde tiende plaats van bestuurlijke probleemgemeenten. Het CDA leverde in de vorige collegeperiode ook een aandeel in een vroegtijdig vertrek van een wethouder: Nicolien van Vroonhoven-Kok vertrok eind 2017 - vlak voor de finish -, omdat zij met haar gezin naar Australië verhuisde. Willem van der Spek volgde haar voor een paar maanden op.
Kruijswijk Jansen meldt dat de huidige bestuursperiode dus niet eens is meegenomen in de bevindingen van Bouwmans. De afgelopen 22 maanden bewijzen volgens de CDA'er alleen maar meer dat Hilversum een bestuurlijke probleemgemeente is. Op 19 maart stelde de PvdA-fractie al vragen over het opstappen van de wethouders en de gevolgen die dit alles heeft voor het coalitieakkoord. Jacqueline Kalk had het onder meer over het ogenschijnlijke gemak waarmee wethouders er de brui aan geven en hun collega's hun portefeuilles overnemen. Vragen die, zeker bij de coalitie, niet lekker vielen.
Wachtgeldregelingen
"En dat is zorgelijk", stelt de CDA'er als het gaat om de vertrekkende wethouders. "Niet alleen omdat bestuurlijke probleemgemeenten het moeilijker hebben om zaken voor elkaar te krijgen, ook omdat het vertrouwen van inwoners in hun bestuur in deze gemeenten doorgaans niet groot is en de gemeente meer dan gemiddeld veel geld kwijt is aan wachtgeldregelingen en andere voorzieningen rondom het afscheid van een oude wethouder en de komst van een nieuwe."
Recente vragen hierover van de PvdA werden weggezet als onkies in tijden van de coronacrisis
Het is dus tijd dat Hilversum hier eens van leert. Dat zouden wat Kruijswijk Jansen betreft best wat aanbevelingen van Bouwmans kunnen zijn. Een van zijn adviezen is dat politieke partijen en de gemeenteraad in zo'n bestuurlijke probleemgemeente in een vroegtijdig stadium moeten bezien welk type wethouder geschikt is om in een probleemgemeente te worden aangesteld. "In Hilversum moet je constateren dat het debat hierover niet wordt gevoerd. Sterker nog, recente vragen hierover van de PvdA werden weggezet als onkies in tijden van de coronacrisis", aldus de CDA'er in zijn opiniestuk.
In de huidige situatie ligt de bal volledig bij de partij die de wethouder moet leveren. Dat kan dus anders. Een debat over het wethoudersprofiel met alle partijen zou een stap voorwaarts zijn. Op basis van de recente ervaringen verdient het aanbeveling dat de raad hier meer regie gaat pakken, meent Kruijswijk Jansen. "Welk profiel wil de raad? Op basis waarvan zoekt een partij haar kandidaat?"
Binding met Hilversum
Ander punt dat hij nog aankaart is de binding die de wethouders moeten hebben met Hilversum. De opvolger van Jaeger heeft D66 uit Zandvoort gehaald en GroenLinks-fractievoorzitter Marleen Remmers zei onlangs tegen deze krant dat hun kandidaat ook iemand van buiten kan zijn zolang er maar binding is met de gemeente. Hoewel Kuipers, wiens voordracht woensdag behandeld wordt in de raad, zijn sporen als bestuurder verdiend heeft. Hij is wethouder geweest in de badplaats. Blijft overeind dat hij van buiten komt en (nog) geen binding heeft met Hilversum.
Niet om in de karrensporen van vertrokken voorgangers verder te gaan
Iemand van buiten halen is opmerkelijk vindt Kruijswijk Jansen. "Kennelijk lukt het niet om uit onze 90.000 inwoners een geschikte wethouder voor te dragen", meldt hij. "Dat binding met Hilversum geen garantie is voor succes mag duidelijk zijn. Ook het CDA heeft dat in het verleden ervaren. Juist in probleemgemeenten is het noodzakelijk dat een bestuurder de mores van een gemeente snapt en begrijpt wat in het Hilversumse bestuur nodig is. Niet om in de karrensporen van de vertrokken voorgangers verder te gaan, maar wel om goed aan te voelen welke veranderingen nodig en haalbaar zijn. Een wethouder van buiten staat in dat proces achter op kandidaten uit de gemeente zelf omdat de noodzakelijke binding met Hilversum mist. En daarmee is de kans op vroegtijdig vertrekken ook groter", is zijn risicoduiding.
Luxe
D66 haalt al iemand van buiten Hilversum. Vraag is welke kandidaat GroenLinks binnenkort presenteert. Remmers zei dat 15 april te kort dag is daarvoor. Begin vorige week zijn de eerste gesprekken gevoerd met de door de wervings- en selectiecommissie gekozen kandidaten, nadat 21 mensen hadden gereageerd op de wethoudersvacature. "We hebben de luxe om te kiezen", gaf Remmers aan. Zij verwacht dat de nieuwe GroenLinkser in mei, als ook de fractie het eens is met de opvolger van Kastje, aan de bak kan.
Kruijswijk Jansen hoopt op een Hilversummer. "Het is onwenselijk als ook deze kandidaat van buiten komt, omdat de binding van het college met Hilversum, de inwoners, ondernemers en verenigingen dan wel heel mager wordt", geeft hij nog aan. "Een mooie kans om hier een Hilversummer voor te dragen die kan bouwen aan een stabiele bestuurlijke gemeente."

