In een dinsdag verspreide brief aan de gemeenteraad leggen Frans Kwantes, Nancy Koster en Meije Gildemacher namens HOP2040 - een bundeling van 38 bewonersorganisaties - uit dat er volgens hen steeds minder sprake was van ‘onderlinge versterking’. In de zogeheten gesprekstafel met de gemeente hebben de vertegenwoordigers van de verenigde Hilversumse buurtclubs steeds aangegeven dat er zorgen zijn over de doorlooptijd en de manier waarop het uitgebreide participatietraject wordt ingericht. Aansturing en uitvoering ligt bij de gemeente.

“Ondanks de inzet en de bedoelingen zien wij het beoogde resultaat, een betekenisvol participatietraject, verder uit het zicht raken”, meldt het drietal in hun schrijven. Dat betekent in hun optiek geen participatie van onderop en ook een integraal traject met als doel een breed gedragen toekomstbeeld van en voor Hilversum. Volgens HOP is de planning meer en meer leidend geworden in het proces. Dat doet de onafhankelijkheid en de kwaliteit van het participatieproces geen recht. “Besluitvorming vindt plaats voordat de participatie is afgerond. De tot op heden gevoerde communicatie naar de samenleving geeft niet veel hoop op een goede opkomst, noch op voldoende kwalitatieve inbreng. Daar zijn we teleurgesteld over.”

Primaire reactie

“Ben ik verrast? Niet helemaal”, meldt Voorink tegenover de Gooi en Eembode. Maandagavond kreeg hij al een berichtje vanuit de HOP-hoek met de mededeling dat er een brief aankwam. Dinsdagochtend hebben de twee partijen kort telefonisch met elkaar gesproken. “Mijn primaire reactie is dat ik teleurgesteld ben. Ik had het liever anders gezien. Ik waardeer de tijd, energie en het meedenken van HOP. Het is immers geen bedrijf, maar het zijn inwoners die hier hun ziel en zaligheid in hebben gestopt.”

De gemeente en HOP2040 hebben sinds 2020 een intensief traject met elkaar doorlopen. Dat startte eind mei vorig jaar toen een aantal vertegenwoordigers van toen nog 26 buurtverenigingen op de stoep stond van het raadhuis om hun Burgerinitiatiefvoorstel te overhandigen aan burgemeester Pieter Broertjes en Voorink (zie foto). Dit was een duidelijk signaal dat het college met het sleutelgebied voor de Metropoolregio Amsterdam (MRA) veel te hard ging met de ambities. Inwoners en andere belanghebbenden moesten de kans krijgen volwaardig mee te praten en te denken over het Hilversum van de toekomst. 

Vallen en opstaan

Begin juli nam de gemeenteraad het voorstel hierover aan en sindsdien zaten Voorink en de mensen van HOP2040 vaak met elkaar om de tafel. Dat ging niet altijd even soepel. “Het is veel vallen en opstaan geweest”, blikt Voorink terug. Er kwam een plan van aanpak Omgevingsvisie ‘Voor een mooi en beter Hilversum’, ook omdat de raad ingreep en hieraan heeft meegeschreven. In dit plan is een traject van betekenisvolle participatie uitgestippeld. Goed en grondig ideeën ophalen over hoe Hilversum over een kleine twintig jaar uit moet komen te zien. Voorink kreeg tijd en budget van de raad om een lang en goed gesprek met de stad aan te gaan om zo een breed gedragen Omgevingsvisie te kunnen vaststellen begin 2023.

Vlak voor de zomer begon het participatieproject, dat een onafhankelijk bureau verzorgde. Al heel snel trok de gemeente, mede naar aanleiding van signalen en zorgen van HOP2040, de stekker uit dit traject. Met elkaar terug naar de tekentafel om na de zomer een betere participatieronde te kunnen verzorgen. Maar de tijd tikte door, waardoor het voor HOP2040 toch al krappe proces qua tijd nog enger werd. 

Voorink is van mening dat er alsnog uitgebreid en goed wordt opgehaald, zodat ‘die spiegel vanuit de samenleving’ echt in de visie komt te staan. Betekenisvolle participatie gaat volgens hem gewoon plaatsvinden. De komende maanden wordt er volop geparticipeerd, zoals is afgesproken. Nog voor de gemeenteraadsverkiezingen in maart stuurt Voorink de bevindingen op naar de raad. Tevens meldt de wethouder dat de onafhankelijkheid wel degelijk geborgd is. Zo is de klankbordgroep met vertegenwoordigers uit onder meer de sport, welzijn, woningbouw, ondernemers en ook nog steeds HOP2040 een belangrijke speler in dit proces.

MRA-ontwikkelingen

De drie HOP-vertegenwoordigers voegen hieraan toe dat zij de zorgen van de Rekenkamer Hilversum delen. Daarmee wijzen zij naar de ‘verstedelijkingsambities’ van het college. “Gelet op het trage tempo waarin het participatietraject verloopt, wordt de Omgevingsvisie ingehaald door ontwikkelingen van de Metropoolregio Amsterdam (MRA, red.). Deze worden dan alsnog bepalend in plaats van wat de inwoners van Hilversum aangeven. Er ligt een voortdurende druk vanuit de MRA-opgave op het proces. Want hoewel de MRA-plannen die aanleiding tot dit participatietraject waren - voorlopig - officieel van tafel zouden zijn, ervaren wij dat toch anders”, aldus HOP2040. 

“Ik kan echt niet anders dan dit naar het land der fabelen verwijzen”, reageert de wethouder een beetje geprikkeld. “We zijn nu echt alleen bezig met het maken van de Omgevingsvisie. First things first. Dat wij zouden kijken naar onze eigen agenda is echt een verhaal van de buitenwereld. Ik weet niet waar die het MRA-element vandaan komt, maar dat is niet aan de orde.”

Gezien deze gang van zaken ziet HOP2040 geen plek meer voor zich aan de gesprekstafel én kan zij zich niet langer verbinden aan het participatieproces. Kwantes, Koster en Gildemacher vinden dat zij de achterban beter dienen als zij niet meer in deze vorm deel uitmaken van de gesprekken met de gemeente. Dat betekent niet dat deze vertegenwoordigende club is ‘uitgehopt’. “We zullen ons blijven inzetten om het geluid van de Hilversummers te laten doorklinken in gemeentelijk beleid.”

De focus moet wat betreft de wethouder blijven liggen op het eindresultaat. Begin 2023 moet er een Omgevingsvisie liggen. Een goed en scherp stuk dat duidelijk richting geeft aan de toekomst van Hilversum en waar velen zich in herkennen.